Een column opleveren drie weken voor de landelijke verkiezingen lijkt een makkelijke opgave. Immers er is genoeg stof tot nadenken… Toch loop ik al twee weken te dolen en wilden de woorden maar niet op papier komen. Het is al lastig genoeg om de diverse partijprogramma’s van de 31 deelnemende partijen op waarde te schatten. Sommige denken met één a4-tje weg te kunnen komen, waar andere partijen ongeveer alle bestaande wetten en regels willen herzien. Welke toekomst men ziet voor Nederland is meestal wel benoemd, maar hoe dit te bereiken lijkt tegenwoordig geen noodzakelijk onderdeel meer van de partijdoctrine. #HOEDAN!

Waar politici nu nog lijnrecht tegenover elkaar staan, zal er bij een uiteindelijke kabinetsformatie koehandel ontstaan over standpunten en volgt er een compromis van ideeën. Het doet af aan de slagvaardigheid van bestuur en dit wordt door de burgerij nogal eens aangemerkt als teken van zwakte. Op zijn beurt behoedt deze opzet ons land wel van extreme koerswijzigingen en verkleint het uiteindelijk verschillen in de samenleving.

Hier mag je het niet mee eens zijn, we leven immers in een democratie. Het andere uiterste, waarbij één partij of leider de volledige koers van een land bepaalt, voorziet echter ook in problemen. Noord-Korea kent echt geen compromissen, maar is nu ook niet echt een prettig land om in te wonen.

Daar komt bij dat wanneer we met een economische bril naar verkiezingen kijken, we kunnen vaststellen dat verkiezingen de financiële stabiliteit van een land kan doorbreken. Ondernemers en investeerders zoeken naar een stabiele wetgever en een faciliterende overheid en niet naar een publiek bestel waar het gister links was en morgen rechts is. Dit kan de waarde van hun investering ernstig schaden. In aanloop naar verkiezingen zullen zij dan ook altijd een afwachtende houding aannemen. Beurzen kennen niet voor niets een korte adempauze richting een verkiezingsuitslag, waarbij de uitslag zelf, de koers nieuwe richting geeft.

In dat licht denk ik ook dat er over een aantal jaar beter zal worden gesproken over het huidige kabinet Rutte, dan nu het geval is. Niet omdat hij Nederland eigenhandig uit de crisis heeft geleid. Hier hebben ze niet veel grip op gehad, behoudens dan door de AOW leeftijd te verhogen. Nee, Ruttes nalatenschap is dat ze vier jaar stabiel bestuur hebben gebracht na een periode van wisselende kabinetten. Deze rust vergroot het vertrouwen in de toekomst bij ondernemers en heeft bijgedragen aan hernieuwde investeringen in onze economie. Dit creëert op zijn beurt werkgelegenheid, welke zorgt voor welvaartsgroei niet alleen bij ondernemers, maar ook bij degene die werkt binnen dit bedrijf.

Nederland zal dus ook komende regeerperiode behoefte hebben aan een kabinet van middenpartijen. Niet omdat zij de meest revolutionaire ideeën hebben voor Nederland, maar juist omdat zij zo min mogelijk willen veranderen. Voor veranderingen moet je uiteindelijk toch bij ondernemers zijn, daar zit het in het bloed!

Deel op LinkedIn Deel op WhatsApp Blijf op de hoogte

Meer bQuotes